Hoe erg is het dat banken betaaldata van hun klanten willen gebruiken om hen gepersonaliseerde aanbiedingen te doen? Acht vragen. 

Waarom willen banken betaaldata gebruiken?

Omdat ze daar geld mee kunnen verdienen. "Banken doen het voorkomen alsof ze je willen helpen, maar het is gewoon commercie", zegt Jaap Koelewijn, parttime hoogleraar corporate finance aan Nyenrode Business Universiteit. ...

...Mogen banken onze data gebruiken?

In principe niet. Banken mogen je gegevens sowieso niet doorverkopen aan andere partijen. Dropmaker Klene mag je geen aanbieding doen omdat ze via bankdata weten dat jij drop van Red Band koopt. 

...Waar eindigt het?

Punt blijft volgens Koelewijn dat je niet weer waar het gaat eindigen. Door het combineren van data zouden bijvoorbeeld ziektekostenverzekeraars kunnen zien dat je elke week drie kratten bier bij de supermarkt haalt en ze zouden je dan kunnen wijzen op een cursus om minder alcohol te drinken.

Of verzekeraars willen alleen een verzekering verkopen aan consumenten die dat niet nodig hebben, terwijl ze dat niet willen aan degenen die dat juist wel nodig hebben, voegt René Frijters toe, oprichter en ex-ceo van Knab en Alex Beleggersbank.

Alles bij de bron; RTLZ


 

Donderdag debatteerde de Rotterdamse gemeenteraad over het besluit om te stoppen met het SyRI onderzoek in de wijken Bloemhof en Hillesluis. In toelichting op zijn besluit liet burgemeester Aboutaleb weinig heel van het risicoprofileringssysteem: “Het is een disproportioneel ding.”..

...Burgemeester Aboutaleb had de dag ervoor eigenhandig de stekker uit het SyRI-onderzoek getrokken en de gemeenteraad daar per brief van op de hoogte gesteld. Aboutalebs uitleg over waarom hij de stekker uit SyRI heeft getrokken, had op sommige punten niet misstaan in de dagvaarding van de maatschappelijke coalitie die in 2018 een bodemprocedure aanspande tegen het systeem.

De burgemeester maakte namelijk duidelijk dat hij een ‘totaalaanpak’ zoals SyRI die vormt een disproportioneel en daardoor onacceptabel instrument vindt. Waar Aboutaleb de bestandskoppelingen van SyRI gericht wilde inzetten voor een beperkt doel, namelijk bijstandsfraude, wilde de LSI, de landelijke organisatie die onder leiding van het Ministerie SyRI-onderzoeken instelt, allerlei gegevens koppelen die daar niet voor benodigd waren.

“Bijvoorbeeld informatie uit de zorghoek, of misschien zelfs informatie uit politieregisters. U moet weten dat informatie uit politieregisters zelfs voor mij als burgemeester en hoofd van de politie zeer restrictief toegankelijk is. Die informatie gebruiken en zelfs delen met andere partijen in die keten, gaat ons te ver.” Niet alleen de hoeveelheid en soorten gegevens gingen Rotterdam te ver; ook het aantal burgers dat ten onrechte door SyRI werd doorgelicht vormde een reden om te stoppen. “Als er op één adres vijf mensen wonen en je zoekt bij één persoon mogelijke bijstandsfraude, wat doe je dan met de gegevens van de overige vier personen?”

“Wij sturen aan op smal informatie vergaren, gericht op het doel, namelijk bijstandsfraude. De landelijke partijen wilden breed gaan en wilden ook zorginformatie en politie-informatie. Dat is, ik kan het niet anders verwoorden, een moloch van een bureaucratisch ding dat zich niet laat sturen. Dan doet het niet wat het moet doen en stoppen we ermee.”

Alles bij de bron; PlatformBurgerrechten


 

Rotterdam stopt met een omstreden computersysteem dat wordt gebruikt om bijstandsfraude in de gemeente op te sporen. Volgens het college van burgemeester en wethouders is onvoldoende duidelijk of het systeem voldoet aan de privacywetgeving. 

Een aantal partijen had zich tegen het gebruik van het systeem uitgesproken. Ook buurtbewoners en vakbond FNV kwamen in verzet. De gemeente laat weten dat er mede door de invoering van de nieuwe privacyregels (AVG) onduidelijkheid is "over de juridische onderbouwing" van de aanpak.

Alles bij de bron; AGConnect


 

UZI-passen zijn een elektronisch paspoort voor zorgverleners. Er zijn drie soorten: BIG-geregistreerde zorgverleners (bijvoorbeeld dokters en verpleegkundigen) hebben een zorgverlenerpas, anderen een medewerkerspas of administratieve pas. Net als je bsn is het Unieke Zorgverlener Identificatie-nummer (UZI) voor iedereen uniek. De passen worden uitgegeven door een agentschap van het ministerie van Volksgezondheid, het Centraal Informatiepunt Beroepen Gezondheidszorg (CIBG).

Oorspronkelijk waren de passen bedoeld om de bsn-nummers van patiënten te controleren, maar nu zijn ze er vooral om met andere zorgverleners te communiceren. Bij ons heeft iedereen zo’n pas, want dat leek ooit nodig om in te loggen in ons elektronisch patiëntendossier. Dat kan nog steeds op de ‘ouderwetse’ manier met een digipasje, net als bij de bank. De UZI-passen zijn wel nodig om gegevens met bijvoorbeeld apotheken uit te wisselen via het Landelijk Schakelpunt. Ook huisartsenposten stellen zo’n pas verplicht, maar op de mijne kan ik nog steeds met een wachtwoord inloggen en op andere posten zijn er zelfs ‘leenpassen’.

Passen zijn drie jaar geldig, blijkbaar was die termijn bij mijn pas weer verlopen. Ik moest dus e-mailadressen en telefoonnummers van medewerkers checken en op de website van het CIBG inkloppen. Ik was een puntje in een mailadres vergeten, maar dat kon die medewerker – zonder identificatie – telefonisch zomaar laten veranderen.  

...Niemand weet of de veiligheid van communicatie is verbeterd. ‘Het is het veiligste systeem’, verzekeren woordvoerders. ‘Hebben jullie dat ooit onderzocht?’ ‘Nee.’ Ooit is er een focusgroep geweest in opdracht van Volksgezondheid, daar zaten één huisarts, één apotheker, één ziekenhuisapotheker, één hoofd spoedeisende hulp en enkele bobo’s in. Snelle conclusie voor de Tweede Kamer: het is een prima, veilig en handig systeem. Mwah.

Alles bij de bron; Volkskrant


Bij een heerlijke nieuwe wereld horen nieuwe woorden en een daarvan is ‘verwonderadres’. Een verwonderadres, dat is nieuwspraak uit de permanentetoezichtsmaatschappij. Op een verwonderadres staat een huis waarin mensen wonen die uit de sys­temen als ‘mogelijk verdacht’ komen rollen wanneer de fraude- en misbruikbestrijders van de Belastingdienst, de uitkeringsinstanties, de gemeente, de zorgverzekeraars et cetera hun algoritmes loslaten op de mensen in het land.

Niet op alle mensen in het land natuurlijk, want wie ­resideert in de koopkrachtigere wijken krijgt zelden een algoritme aan zijn broek. De surveillancemaatschappij concentreert zich op wat beleidsmakers ‘de probleemwijken’ noemen, de inwoners van voormalige Vogelaar-, kracht- en prachtwijken.

Wat er gebeurt wanneer de autoriteiten controles concentreren op een groep, die door de statistiek als iets riskanter wordt aangemerkt dan een andere, heeft Ionica Smeets, Volkskrant-columnist die ingewikkelde dingen kan uitrekenen én kan uitleggen, vorige week overtuigend uitgelegd: je krijgt een zelfversterkende feedbackloop. Eindresultaat: alle ballen op de pechgroep, terwijl de criminelen uit de mazzelgroep fluitend wegkomen...

...Ook het Systeem Risico Indicatie, SyRI, laat de Zuidas en Wassenaar links liggen, en concentreert zich op achterstandswijken. SyRI is een systeem van de overheid dat ­databestanden van burgers aan elkaar koppelt, met ge­gevens over schulden, inkomens, bezittingen, inburgering, onderwijsniveau, uitkeringen, vergunningen. Het systeem bepaalt waar ‘een verhoogd risico’ bestaat op fraude, misbruik en overtredingen. Met datamining en patroonherkenning worden risicoprofielen ­gemaakt. En daar komen dus ‘verwonderingen’ uit, een woord dat vermoedelijk is bedacht in een creatieve sessie met dure consultants in een ballenbak omdat ‘bij voorbaat verdacht maken en mogelijk onterecht zwartmaken’ zo naar klinkt.

Charlotte Huisman inventariseerde waar SyRI allemaal gebruikt wordt (in achterstandswijken in Eindhoven, Haarlem, Capelle aan den IJssel en Rotterdam), en wat de resultaten zijn. Haar conclusie: vooralsnog is het project een mislukking. Een hoop verwonderadressen, nog niet één opgespoord geval van fraude.

Ondertussen zijn wel mensen op duizenden adressen op basis van een algoritme aangemerkt als gevallen die ‘misschien wel fraude plegen’. Of misschien ook niet.

Alles bij de bron; Volkskrant


 

‘Bij mij mogen ze langskomen, ik heb niets te verbergen’, zegt Cor de Geus (61). De beheerder van de speeltuin in de Rotterdamse wijk Hillesluis, met stevige getatoeëerde armen, ontvangt deze avond in zijn honk tientallen wijkbewoners die meedoen aan een protestbijeenkomst van Vakbond FNV. ­Tegen SyRI, een omstreden middel ­tegen fraude waarmee de bewoners van Hillesluis en Bloemhof worden onderzocht.

De overheid legt daarvoor alle bestanden bij elkaar van onder meer de belasting en uitkeringsinstanties. Een algoritme bepaalt vervolgens welke adressen een verhoogd risico op fraude laten zien. 

De Geus is het eens met de protestactie. ‘De manier waarop kan niet. Ze drukken op een knopje van de computer en er rollen adressen uit, van mensen die dan opeens verdacht zijn. Dat kunnen personen zijn die dingen doen die het daglicht niet kunnen verdragen. Maar er kan ook per abuis een dame van 85 uitkomen, die schrikt zich rot.’...

...Ondertussen neemt het verzet tegen de methode toe. Die is niet transparant omdat de overheid niet bekendmaakt met welk risicomodel zij rekent, zeggen de tegenstanders. En wat gebeurt er met de resultaten? En waarom wordt alleen op arme wijken een dergelijk sleepnet losgelaten, dat de privacy schaadt, en niet ook bijvoorbeeld op de Zuidas?

FNV is een van de organisaties die vinden dat de methode ontoelaatbaar is. FNV-bestuurder Maureen van der Pligt: ‘Veel bewoners bleken helemaal niet te ­weten dat hun gegevens zijn onderzocht. Het is niet eerlijk dat alleen deze wijken worden onderzocht. Het is toch erg dat maar liefst 10 procent van de adressen als verdacht wordt bestempeld? Een klein foutje van de computer kan mensen in grote problemen brengen.’

Zo’n fout is tenslotte ook gemaakt bij een gastouderbureau in Eindhoven, waar op basis van onjuiste informatie de Belastingdienst de toeslagen van vele ouders onterecht introk – die allemaal een dubbele nationaliteit hadden. 

Alles bij de bron; Volkskrant


 

Het omstreden risico-indicatiesysteem SyRI dat gemeenten kunnen gebruiken om fraude op te sporen, lijkt uit te lopen op een mislukking. Met het systeem, dat volgens tegenstanders inbreuk maakt op de privacy, is sinds de opname in de wet ervan in 2014 nog niet één geval van fraude opgespoord. Dit blijkt uit een inventarisatie van de Volkskrant.

Door het gebruik van SyRI kunnen gemeenten een algoritme loslaten op databestanden van bewoners van ‘probleemwijken’. Zo kunnen gegevens worden gekoppeld over arbeid, detentie, belastingen, vastgoedbezit, handel, huisvesting, inburgering, onderwijs en pensioen. En over schulden, uitkeringen, toeslagen, vergunningen en de zorgverzekering. Het systeem bepaalt zo welke adressen volgens het gebruikte rekenmodel een verhoogd risico op fraude of misbruik hebben...

...In januari 2018 daagde een coalitie van tegenstanders de Staat voor de rechter vanwege de inzet van SyRI; onder meer het Platform Bescherming Burgerrechten, het Nederlands Juristencomité voor de Mensenrechten, de landelijke Cliëntenraad en auteurs Tommy Wieringa en Maxim Februari. Vakbond FNV sloot zich aan. Komende 29 oktober is de eerste zitting van deze bodemprocedure in de rechtbank Den Haag.

Vijf keer hebben gemeenten tot nog toe ministeriële goedkeuring gekregen voor een dergelijk onderzoek: Eindhoven, Capelle aan den IJssel, Haarlem en Rotterdam maar in geen van die gemeenten is met de algoritme-methode tot nog toe een enkel fraudegeval opgespoord. Technische problemen, verkeerd aangeleverde data en discussie over de manier waarop het onderzoek moest worden uitgevoerd, leidden tot vertragingen. 

De enige keer dat er daadwerkelijk via SyRI verkregen adressen nader zijn onderzocht, in Capelle aan den IJssel, bleek die informatie al bekend of inmiddels achterhaald.

Alles bij de bron; Volkskrant



 

De hoeveelheid bekeuringen is in steden die scanauto's inzetten vaak tientallen procenten hoger, dan in het jaar voordat de digitale boetemachine daar zijn intrede deed. Soms is er zelfs sprake van een verdrievoudiging. Dat blijkt uit cijfers die het Parool heeft opgevraagd bij een reeks grote gemeenten in Nederland.

Parkeerwachters hoeven niet meer te voet te beboeten, maar laten simpelweg de auto het werk doen. Camera’s op het dak van hun wagen scannen razendsnel alle kentekens. Heeft een bestuurder geen parkeergeld betaald, dan krijgt die een aantal dagen later bijna volledig geautomatiseerd een boete.

Dankzij de rijdende boetemachines is betaald parkeren een goudmijn voor gemeenten geworden. Hoogleraar Transportbeleid Bert van Wee van de TU Delft: “Controles zijn goedkoper, er komt meer geld binnen uit boetes en doordat mensen weten dat de pakkans groter is, gaan ze eerder parkeergeld betalen.” 

Amsterdam inde het afgelopen jaar een recordbedrag van 216 miljoen euro. Als in juli de boete in Amsterdam van 47,60 naar 62,70 euro gaat, kan de stad vermoedelijk rekenen op nog eens tien miljoen euro extra inkomsten uit parkeerboetes. 

Alles bij de bron; Parool


 

Subcategorieën

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha