Branchevereniging Nederland ICT is blij met het akkoord en directeur Lotte de Bruijn laat weten dat een goed alternatief voor Safe Harbor essentieel is voor het vertrouwen in data en de innovatiekracht van de Nederlandse digitale economie.  De vereniging benadrukt wel dat het een akkoord op hoofdlijnen is. ‘Dit is een belangrijke eerste stap, maar de afspraken zullen nog verder uitgewerkt moeten worden tot een duurzame juridische basis voor data-overdracht tussen de Europa en de VS,’ aldus De Bruijn.

Richard Groenendijk, algemeen directeur bij AEB Nederland, is het eens met de uitspraak van Nederland ICT dat het nog enkel maar hoofdlijnen zijn. ‘Het akkoord voorziet inderdaad op hoofdlijnen van goede afspraken, maar de realiteit zal ons echt laten zien wat het akkoord waard is en of dat de Amerikaanse overheid zich echt gaat inzetten om de rechten van Europese burgers in Amerika te gaan naleven. Ik zet daar wel een kritische noot bij.’ Hij vraagt zich bijvoorbeeld af hoe onderdelen binnen het nieuwe verdrag (zoals de Amerikaanse bedrijven die zich aan de Europese richtlijnen moeten houden bij het opslaan van privacygevoelige informatie van Europeanen) nageleefd gaan worden. 

Ook Dave Vijzelman, principal solution architect IDAM bij Dell, wil graag weten hoe er gaat worden gecontroleerd dat bedrijven zich houden aan de gemaakte afspraken, want ‘tja, ook de NSA heeft mensen rondlopen met de kennis om de zaken zo te verdraaien dat ze altijd hun ‘eigen’ verhaal kunnen maken.’ 

Patrick de Goede van Eijk, solution expert security bij T-Systems, sluit zich bij de andere experts aan. Wat hem betreft is de afspraak nog te vaag. ‘Met name de 'proportionaliteit' in de overeenkomst is voor mij een groot vraagteken. Maar wie bepaalt wat proportioneel is? Dat lijkt de VS vooral zelf uit te maken. De overeenkomst biedt in de huidige vorm volgens mij dan ook vooral schijn-privacy.’

Jan-Willem Oordt, van De IT-jurist, vraagt zich af hoe het akkoord zich verhoudt tot de afgekeurde Safe Harbor-voorwaarden en of het voldoet onder de Europese privacywetgeving. Hij noemt bijvoorbeeld dat de afspraken nog niet zijn uitgewerkt in concrete juridische voorwaarden. ‘De Verenigde Staten (VS) stellen geen grootschalige surveillance toe te passen op de uitgewisselde gegevens, maar het is nog afwachten hoe de VS dat gaan uitwerken in eigen wetgeving. De Amerikaanse wetgeving voor terrorismebestrijding bijvoorbeeld, is nog steeds van toepassing.’ Hij meent dat het Europese Hof van Justitie, die het laatste woord heeft, zich nog over dergelijke zaken gaat buigen.

Jeroen Renard, corporate security officer bij Odin Groep, mist ten slotte nog wat andere punten in de huidige hoofdlijnen van het nieuwe verdrag. Bij de bevoegdheden van de betrokkenen bijvoorbeeld. ‘De Amerikaanse Senaat moet nog akkoord gaan met wetgeving die voor Europese burgers de gang naar de rechter in de VS mogelijk moet maken. Zelfs dan vraag ik me nog af of dit voor burgers ook praktisch haalbaar kan worden gemaakt.’ Hij denkt dat als de details de komende weken duidelijk worden, er inhoudelijk meer te zeggen is. ‘Op dit moment lag er de druk om tot iets te komen. Ik ben benieuwd of de Autoriteit Persoonsgegevens uiteindelijk echt blij zal zijn met de kracht en de veiligheid van het raamwerk. De VS en Europa staan fundamenteel verschillend tegenover de privacy-rechten van burgers.’

Alles bij de bron; Computable



Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha