Overheid, Politiek & Wetgeving

Het ministerie van Justitie en Veiligheid krijgt 10 miljoen euro extra voor de uitvoering van de Wet Computercriminaliteit III, zo heeft minister Grapperhaus vandaag in de begroting van het ministerie laten weten. Het is één van de maatregelen die op het gebied van cybercrime wordt genomen.

De Wet Computercriminaliteit III geeft justitie en politie nieuwe bevoegdheden om computercriminaliteit te bestrijden. Zo mogen justitie en politie heimelijk de systemen van verdachten binnendringen, zoals bijvoorbeeld een smartphone, server of computer.

Voordat de politie systemen mag binnendringen moet er eerst toestemming van de rechter-commissaris zijn op verzoek van de officier van justitie. Voor het binnendringen van systemen kan er zowel van bekende als onbekende kwetsbaarheden gebruik worden gemaakt. Wat dat laatste betreft komen er strakkere waarborgen voor de publieke aanschaf van "hacksoftware", schrijft de minister.

Alles bij de bron; Security


 

Het Nederlandse ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft zich tot de Nederlandse vereniging van maaltijdbezorgers gewend om de bezorgers te bewegen de corona-app te installeren; 'Ik zou jullie willen vragen om jullie bezorgers ook te vragen de app te downloaden, zodat zij onbewuste besmetting voorkomen', zo luidt een deel van de tekst in de e-mail.

Een zogeheten manager partnerships coronavirus-app legt daarin uit dat het haar taak is om allerlei organisaties bij de introductie van de CoronaMelder-app te betrekken, 'met als doel dat straks zoveel mogelijk Nederlanders de app gedownload hebben'. schrijft het NRC.

Een woordvoerder van het ministerie erkent dat het niet bedoeling was dit aan de maaltijdbezorgers te vragen. "Dat het gebruik van de app vrijwillig is, hadden we in de e-mail moeten vermelden. We zullen dit alsnog onder de aandacht brengen. Ook kijken we hoe dit is verwoord in e-mails aan andere organisaties met een groot bereik. Denk aan ziekenhuizen, scholen, sportbonden, brancheverenigingen en het openbaar vervoer."

De corona-app is nog niet landelijk ingevoerd. Het ministerie wil de app pas landelijk invoeren als de bijbehorende Tijdelijke wet notificatieapplicatie covid-19 definitief is ingevoerd, ook al is het gebruik van de app vrijwillig.

Dat laatste is meerdere malen benadrukt, onder meer door het kabinet. De Autoriteit Persoonsgegeven benadrukte eerder ook al het belang van de vrijwilligheid en dat het gebruik van de app door niemand kan worden verplicht. De privacywaakhond vindt dat dit punt expliciet moet worden opgenomen in de wet.

Alles bij de bron; Tweakers


 

De corona-noodwet waarover morgen in de Tweede Kamer een hoorzitting plaatsvindt vormt een acute dreiging voor ieders recht op privacy en het gezonde functioneren van de democratische rechtsstaat, zo stelt stichting Privacy First

"De criteria aangaande de uitgangspunten, de invoering en maatregelen zijn niet vastgelegd en kunnen niet democratisch worden getoetst door het parlement", zegt Bas Filippini, voorzitter van de privacystichting. "Een criterium als "dreiging" is al genoeg om draconische ongrondwettelijke maatregelen te implementeren en de wet te activeren."

Filippini hekelt verder de bepalingen aangaande de ministeriële bevoegdheden, die volgens hem ruimte voor totale willekeur en ongrondwettelijk optreden bieden. Zo mag het parlement meekijken maar niet meebeslissen. Een ander kritiekpunt is de mogelijkheid om de looptijd van de noodwet telkens per koninklijk besluit met drie maanden te verlengen en dat individuele maatregelen langer kunnen doorlopen. "Het kabinet kan zonder toetsing of duidelijke criteria de noodwet op elk moment van kracht laten zijn", stelt Filippini. Volgens de voorzitter van Privacy First is de noodwet ongekend en ongrondwettelijk.

Alles bij de bron; Security


 

Kabinet en parlement willen snel een noodwet tegen de coronacrisis aannemen. Maar de wet schiet door, in een rechtsstaat breekt nood nou juist géén wet...

...De instrumenten waarmee we nu het virus aanpakken voldoen niet. Het halfbakken stelsel van de Wet publieke gezondheid en de Wet veiligheidsregio’s geeft het noodbestuur sinds een half jaar in handen van de minister en de voorzitters van de veiligheidsregio’s. Dat levert een democratisch tekort op – parlement noch gemeenteraad zijn erbij betrokken – en grondrechtelijke problemen. 

...Op basis van die Grondwet ontwikkelde de Hoge Raad in de afgelopen anderhalve eeuw een principiële jurisprudentie die zegt dat het parlement altijd inhoudelijk betrokken moet zijn bij het vaststellen van belangrijke vrijheidsbeperkende regels (het legaliteitsbeginsel) en dat het parlement dat recht niet uit handen kan geven of kan worden afgenomen (het primaat van de wetgever).

Het voorstel voor de coronawet doet dat nu juist wel op een aantal punten. Een minister kan zelfstandig regels gaan stellen voor onderwijsinstellingen, voor horeca, evenementen, groepsvorming (ook bij verkiezingen), beschermingsmiddelen, enzovoorts. De Kamers mogen alleen meekijken – ze krijgen de regelingen een week voor inwerkingtreding toegestuurd. De regeling treedt na het verstrijken van die week rechtsgeldig in werking, wat het parlement er ook van vindt...

...Vooral bij het griezelige artikel 58s van de coronawet dat zegt dat de minister ‘andere maatregelen’ kan nemen, als de maatregelen op basis van de wet niet toereikend zijn. Hiermee krijgt een minister een vrijbrief om dingen naar eigen inzicht te regelen.

Het voorstel zoals het er nu ligt (ook rommelig trouwens voor wat betreft de verhouding van bevoegdheden tussen minister, burgemeesters en voorzitters van de veiligheidsregio’s) gaat veel te ver en schept een gevaarlijk precedent: het zet mogelijk een kras door 150 jaar ontwikkeling van de democratische rechtsstaat in Nederland voor een aantal kortlopende noden van nu. 

Dat kan eenvoudig anders: geef de Tweede Kamer een bekrachtigingsrecht, zoals gemeenteraden dat ook hebben bij noodverordeningen die de burgemeester bij rellen en wanordelijkheden in een gemeente vast kan stellen.

Alles bij de bron; NRC


 

Veel Nederlanders hebben tijdens de coronacrisis ervaren dat het thuiswerken meestal goed gaat. De coronacrisis onderstreept dat veel, en misschien tegenwoordig wel bijna alles, digitaal te regelen is. Dat is handig en gemakkelijk voor jongere generaties en werkenden, maar het lukt niet iedereen om mee te komen met deze digitale veranderingen.

Eerder dit jaar bracht de Nationale Ombudsman een onderzoek uit waaruit blijkt dat ongeveer een kwart van de burgers en ondernemers vindt dat de digitalisering te snel gaat en dat de overheid te weinig doet om te helpen. ...we moeten meer oog hebben voor hen die digitaal niet vaardig genoeg zijn. Zij mogen niet verdwaald raken of vergeten worden, en ook zij moeten goede kanalen hebben om met de gemeente in contact te komen. Het gaat hier om laagdrempeligheid: de gemeente is er tenslotte voor ons allemaal.

Burgers moeten ook in de communicatie ervaren dat de gemeente er voor iedereen is. Als we dan alleen maar inzetten op digitale kanalen dan kan dat een verkeerd signaal zijn. Ook mensen zonder digitale vaardigheden moeten kunnen meepraten over plannen die hun directe leefomgeving raken.

Wat mij betreft moet ‘digitale inclusie’ daarom hoger op de agenda komen. Heb hier oog voor, en maak de juiste keuzes in het communicatiebeleid. Kies niet altijd voor de gemakkelijkste weg. De coronacrisis heeft ons duidelijk gemaakt hoe afhankelijk we zijn geworden van digitale communicatiemiddelen, maar laten we dit moment ook aangrijpen om meer moeite te doen om digitaal minder vaardige Nederlanders de hand te reiken.

Alles bij de bron; Trouw


 

DigiD oldoet DigiD aan de eIDAS-verordening en is officieel erkend als Europees inlogmiddel. 

De eIDAS-verordening heeft als doel dat online zaken regelen met overheidsorganisaties over de grens net zo makkelijk en veilig wordt als in eigen land. De verordening is sinds 29 september 2018 van kracht. Sindsdien moeten publieke organisaties en private organisaties met een publieke taak Europees erkende inlogmiddelen accepteren binnen hun digitale dienstverlening.

De lidstaten van de EU hebben nu 1 jaar de tijd om hun digitale infrastructuur en dienstverlening klaar te maken voor DigiD. Daarna moet het mogelijk zijn om met DigiD in te loggen bij overheidsorganisaties in de Europese Unie.

Alles bij de bron; RijksOverheid


 

Het ministerie van Justitie en Veiligheid doet onderzoek naar de privacyrisico's van het gebruik van Google door de Rijksoverheid, bevestigt een woordvoerder maandag.

Het gaat om een regulier onderzoek, de Data Protection Impact Assessment (DPIA), dat volgens de woordvoerder moet gebeuren omdat de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) dat verplicht. Hetzelfde bureau voerde afgelopen jaar een DPIA-onderzoek uit naar het gebruik van Microsoft-producten. 

Het ministerie van Justitie en Veiligheid werkt hierin sinds het voorjaar samen met de onderwijssector. 

Alles bij de bron; NU


 

Privacy First maakt zich zorgen om de aanstaande uitbreiding van het handelsregister van de KVK. In het openbare register komt binnenkort persoonlijke informatie over alle uiteindelijke belanghebbenden (ubo’s) van in Nederland opgerichte bedrijven te staan. De stichting vindt dit een schending van het Europese privacyrecht en stapt naar de rechter.

De aanvullende informatie in het register is openbaar, behalve in het geval van beveiligde personen, minderjarigen en mensen onder curatele. Privacy First vraagt zich af of het middel zijn doel niet voorbijschiet. 'Het is een schending van de privacy die niet proportioneel is.' Volgens de privacy-organisatie zou het voldoende moeten zijn als de gegevens enkel beschikbaar zijn voor overheidsdiensten die witwassen en terrorisme bestrijden.

‘De Nederlandse wet en ook de bovenliggende Europese richtlijn zijn in strijd met het Europese Handvest voor de Grondrechten en met de AVG’, aldus advocaat Otto Volgenant namens Privacy First. ‘Het is aan de rechter om daar een grondige toetsing op te doen.’

Alles bij de bron; Computable


 

Abonneer je nu op onze wekelijkse nieuwsbrief!
captcha